Totale knie prothese

Totale knie prothese

De knie bestaat uit drie delen: de binnenkant, de buitenkant en de ruimte tussen de knieschijf en het bovenbeen.


Tijdens de operatie wordt het versleten oppervlak van het bovenbeen, het onderbeen en de knieschijf vervangen door metalen- en kunststof vlakken. Om het kniegewricht te bereiken zal de orthopedisch chirurg een snee voor de knie maken. Het versleten kraakbeen wordt verwijderd. Op het bovenbeen plaatst de orthopedisch chirurg een nieuw metalen oppervlak. In het onderbeen wordt een metalen plaat met kunststof glijlager aangebracht. De operatiewond wordt gesloten met nietjes (agraves). Het is de bedoeling dat u de dag van de operatie al uit het bed gaat en de eerste stapje gaat doen op de knie prothese.


Type prothese: In het Dijklander ziekenhuis plaatsen wij het model NexGen van de firma Zimmer Biomet. Deze valt onder de categorie ‘10A protheses’. Van deze categorie protheses is minimaal 10 jaar internationale data bekend waaruit blijkt dat deze goed functioneren bij een grote groep patiënten.

Nabehandeling

De operatie kan in dagbehandeling, afhankelijk van uw gezondheid en thuis situatie. De meeste mensen verblijven 1 nacht in het ziekenhuis. Het ontslag is afhankelijk van de wond, de functie van de knie en hoe u zich voelt.

Na de operatie leert u, onder begeleiding van een fysiotherapeut, lopen met twee elleboogkrukken. U mag de knie volledig belasten.

Na ontslag uit het ziekenhuis dient u thuis de behandeling door een fysiotherapeut voort te zetten. U krijgt hiervoor een verwijzing en oefenprogramma mee.

Na ongeveer 8 weken na de operatie komt u voor controle terug op de polikliniek orthopedie.


Autorijden: Als u voldoende controle heeft over uw geopereerde been, kunt u na zes weken weer gaan autorijden. Het is niet verstandig om auto te rijden wanneer u nog pijnmedicatie slik.

Fietsen: Als u voor de operatie ook al regelmatig fietste, mag u ongeveer zes weken na de operatie weer gaan fietsen. U moet wel weer voldoende controle over uw been hebben. Gebruik een damesfiets vanwege de lage instap. Het is aan te raden van tevoren te oefenen op een hometrainer.

Te verwachten resultaat

  • Een “ nieuwe knie” is een vervanging van het gewricht met een aantal beperkingen, dit betekent dat hij niet hetzelfde functioneert als een gezonde knie. 1 uur lopen en 2 uur fietsen is gemiddeld (afhankelijk van de leeftijd) De levensduur van een totale knieprothese is gemiddeld 15-20 jaar afhankelijk van de belasting.

  • De uiteindelijke buiging hangt sterk af van de buiging voor de operatie ( gemiddeld 110 gr). Pijnklachten bij traplopen kunnen langer bestaan. Uit onderzoek is gebleken dat 70% van de mensen met een totale knieprothese moeite heeft met knielen/hurken 25% moeite aangeeft bij tuinieren 10% problemen ondervindt bij zwemmen 5% problemen ondervindt bij golfen

Animatie voor de operatie techniek van een totale knie prothese

Rechter knie: litteken 1 jaar na de operatie

Complicaties

Ondanks het lage risico op problemen en ondanks alle zorg die aan de operatie besteed wordt, kunnen er soms toch nog complicaties optreden:

  • Trombose / longembolie. Om dit te voorkomen krijgt u gedurende 30 dagen bloedverdunnende middelen;

  • Stijfheid, waardoor bijvoorbeeld buigen of strekken niet volledig mogelijk is;

  • Nabloeding met eventuele druk op de zenuwen van het bovenbeen, waardoor het gevoel en de functie van bepaalde spieren in het been tijdelijk veranderen;

  • Bloedvatbeschadiging;

  • Langdurige wondlekkage; Infectie van de knieprothese of het gebied er omheen;

  • Een niet goed werkende knieschijf, buigen van de knie is dan niet goed mogelijk en doet pijn;

  • Overrekking van de zenuwen van het been met meestal tijdelijke uitval met als gevolg gestoorde heffunctie van de voet (klapvoet). Dit komt met name voor als er een grote beenas-afwijking gecorrigeerd moet worden tijdens de operatie (fors O-been of X-been).

  • Positieveranderingen van de protheseonderdelen door onvoldoende vastzetten van de prothese; Loslaten van de prothese: dit kan het gevolg zijn van overbelasting, slijtage van de knieprothese of infectie van de prothese.